Agressie in het eten?
De oplossing voor dit probleem is lang niet eenvoudig.
Op zichzelf is er niets mis met agressie. Het is een normaal gedrag binnen sociale groepen. Het is een gedrag wat ingezet kan worden om aanvallers af te schudden, status of belangrijke bronnen te verdedigen. Agressie wordt pas een probleem wanneer een hond agressief gedag vertoont in een situatie waarin dat niet zou moeten. Of wanneer een hond heel vaak agressie vertoont of een overdreven heftige agressieve reactie vertoont.
Een teef die even gromt wanneer een pup heel brutaal toch nog wil drinken terwijl moeder wegloopt communiceert op die manier dat de grens is bereikt en de pup onmiddellijk moet stoppen. Die grom is agressie. Niets mis mee. Wanneer de teef echter de pup zou bijten en verwonden dan is dat een overdreven reactie die niet normaal is. Een hond die agressie vertoont omdat hij wordt geslagen en vreest voor z'n leven is niet zo vreemd. Maar als een hond iedere confrontatie aangaat door agressie te vertonen of wanneer de prikkel voor agressie niet duidelijk is, spreken we van een probleem.
Problemen met agressief gedrag van de hond zijn voor de eigenaar moeilijk op te lossen. Veelal wordt hulp ingeroepen van een hondengedragstherapeut. Door goed te kijken naar de motivatie van de agressie, de directe oorzaak en de situaties waarin het optreed wordt dan een plan voor behandeling opgesteld. Toch blijft het een lastig probleem en het brengt ook risico's met zich mee (afhankelijk van het agressie-probleem voor de eigenaar zelf of voor de omgeving). Meer onderzoek naar de oorzaak en een mogelijke oplossing van agressief gedrag is dan ook zeer welkom.
Simona Re en collega's hebben onderzocht of er iets lichamelijk anders is bij agressieve honden. Ze hebben in het bloed van 18 Duitse herdershonden de hoeveelheid cholestrol, meervoudig onverzadigde vetzuren, en bilirubine gemeten. Uit een aantal andere onderzoeken kwam naar voren dat de hoeveelheid signaalstof in de hersenen (serotonine) die o.a. betrokken is bij agressief gedrag kan worden beïnvloed door de hoeveelheid vetzuren en cholestrol in het bloed.
De 18 agressieve Duitse
herders hebben een lagere concentratie van een
bepaald vetzuur (docosahexaenoic zuur) in hun bloed
dan niet agressieve Duitse herders. De cholesterol
en bilirubine waarde in de agressieve honden is ook
lager terwijl de verhouding tussen omega6/omega-3
vetzuren juist hoger is. Betekent dit nu dat je
agressieve honden op een dieet moeten zetten met
meer cholestrol en meer omega 3 vetzuren? En zijn
deze honden agressief geworden door dat hun dieet
niet goed was? Dit kunnen we helaas niet afleiden
uit dit onderzoek. We weten niet of het dieet de
oorzaak was van het verschil. We weten ook niet of
aanvulling op het dieet het agressief gedrag
vermindert. Uit deze resultaten kunnen we zelfs
niet afleiden of de veranderde bloed waarden nu de
oorzaak zijn van het agressievere gedrag of juist
een gevolg zijn van het agressieve gedrag.
Toch is dit onderzoek wel heel nuttig. Het is
namelijk wel een aanwijzing dat er iets lichamelijk
anders is in de agressieve honden. De informatie is
nog lang niet compleet maar lokt hopelijk wel uit
tot verder onderzoek. In een vervolg onderzoek zou
bijvoorbeeld kunnen bestudeerd of honden die meer
cholesterol en een andere vetzuurverhouding in hun
dieet krijgen minder agressie gaan vertonen.
Kennis over de invloed van dieet op agressief
gedrag zou de mogelijkheden om de probleem op te
lossen wellicht kunnen ondersteunen
Bron:
Aggressive dogs are characterized by low omega-3
polyunsaturated fatty acid status
Vet Res Commun. 2007 Sep 19
Simona Re, Marco Zanoletti & Enzo Emanuele
Hondengevechten
Gedragstesten
Gedragstesten kunnen worden gebruikt om een meer inzicht te krijgen in het gedrag van mens of dier. Vaak zijn die testen heel specifiek gericht op een bepaalde situatie of een bepaald gedrag. Zo onderwerpen bepaalde bedrijven sollicitanten aan een test om te zien of ze een goed oplossend vermogen hebben, goed kunnen verkopen of de sociale vaardigheden op de proef stellen. Vaak worden mensen dan in een situatie gebracht die lijkt op een situatie die ze later zouden kunnen meemaken in het werk. Soms wordt hierbij zelfs met acteurs gewerkt die het spel meespelen.
Ook bij honden worden soms gedragstest afgenomen. Voor honden in een opleiding voor blindengeleidehond terecht komen wil men namelijk al de ongeschikte dieren uitsluiten. Een opleiding is duur en het is zinloos een hond die op enkele belangrijke gebieden niet voldoend presteert op te leiden. Ook zijn er tests om inzicht te kunnen krijgen over de mate van agressie van een hond en een voorspelling te kunnen doen over kans dat de hond zal gaan bijten. In die test wordt de hond in verschillende situaties gebracht die al dan niet agressief gedrag opwekken. Uiteindelijk kan zo een inschatting worden gemaakt van de kans dat de hond ook in het echt (op straat of in huis) agressie zal vertonen. De situaties waarin en hond wordt gebracht om te testen of hij agressief gedrag vertoont moeten vaak lijken op een situatie die de hond in het echt kan tegenkomen.
Maar hoe doe je dat als je wilt testen of een hond een klein kind wil bijten? Er zullen maar weinig ouder staan te springen bij het idee hun kind ter beschikking te stellen. Er wordt daarom met poppen gewerkt. Zo'n pop wordt dan als "nep" kind ingezet om het gedrag van de hond te kunnen testen. De vraag is wel of honden die kinderen zouden bijten dit ook in de pop doen. Of is deze situatie zo anders dat veel van de honden die op straat een kind zouden bijten de pop links laten liggen? In dat laatste geval vertelt de test niets over het gedrag en is de test waardeloos.
Tracy L. Kroll en collega's van de Cornell Universiteit in New York hebben onderzocht of een baby pop of een nep hand voorspellende waarde hebben in een gedragtest voor honden. 88% van de honden die agressief reageerde op de pop hadden al in het verleden agressie naar kinderen vertoond. 12% had in het verleden niet agressief naar kinderen geweest maar reageert dus wel op de pop. Zijn dit tikkende tijdbommen of is zijn dit de honden die heel goed doorhebben dat het hier om een pop gaat en daardoor agressief worden?
Van de honden waarvan het bekend was dat ze agressie vertoonde tegen kinderen reageerde 13 honden (21%) normaal op de pop en 9 honden (14%) waren wel angstig maar vertoonde geen agressie. Dit wil zegen dat de test dus soms als uitslag heeft dat de hond niet agressief reageert op de pop maar in het "echt" wel agressie naar kindneren zal vertonen.
Het is dus niet waterdicht . Maar geen enkele test is dat. Dit betekent voor de praktijk dat testen, interpretatie van testen en de gevolgen die je aan een test uitslag moet verbinden een kwestie zal blijven van inschatten van risico's, goed blijven kijken naar wat je in de test ziet maar vooral van het gezond verstand gebruiken!
Ovariëctomie (sterilisatie)
Ovariëctomie (sterilisatie) verhoogt gedragsmatige reactiviteit van Duitseherders honden
Ovariëctomie (vaak Sterilisatie of castratie van de teef genoemd) is een veel uitgevoerde operatie. De meest voorkomende reden hiervoor is vaak het voorkomen van ongewenste zwangerschap. De operatie is natuurlijk niet helemaal zonder bijwerkingen. Een aantal ongewenste bijwerkingen wordt gerapporteerd; gewichtstoename, meer eten, problemen met de vacht, en incontinentie. Over gedragsveranderingen ten gevolge van castratie bij teven is vreemd genoeg nog niet zoveel geschreven. Er zijn een aantal studies bekend die melden dat er meer kans op agressie is naar de gezinsleden toe na ovariëctomie. Maar dit alleen als de honden al wat agressie vertoonde in het eerste levensjaar. ook zijn gevallen beschrijven van teven die een verhoogde algemene activiteit vertonen. In een studie uitgevoerd door Hyeon H. Kim et al. is onderzocht wat het effect is van castratie van de teef op de reactiviteit van 14 Duitse herdershonden (7 gecastreerde en 7 intacte honden).
De honden werden blootgesteld aan twee prikkels die de reactiviteit konden opwekken. Benadering van een onbekende persoon en benadering van een onbekende hond. Het gedrag van de honden werd vervolgens geobserveerd. Er werd daarbij een indeling gemaakt in 5 categorieën: 0 = aandachtig of geen reactie 1 = defensieve of milde reactiviteit 2 = middelmatige reactiviteit 3 = heftige reactiviteit. Gecastreerde teven bleken in dit onderzoek reactiever dan intacte dieren. Duitseherders honden die ovariëctomie hebben ondergaan (maar wellicht geld dit ook wel voor andere rassen) tussen de 5 en 10 maanden oud vertonen een verhoogde reactiviteit dan intacte dieren in dezelfde leeftijdsgroep.
Bron:
Effects of ovariohysterectomy on reactivity in German Shepherd dogs
Hyeon H. Kim, Seong C. Yeon, Katherine A. Houpt, Hee C. Lee, Hong H. Chang, Hyo J. Lee
The Veterinary Journal 172 (2006) 154–159
Meer informatie over ovariëctomie bij de teef kun je hier vinden.
of op de site van DAP Breukelen