Hij kluift!
Totdat we een week geleden van Biofood een aantal kluiven binnen kregen. Ik pakte een kluif en alle drie stonden ze uiterst geïnteresseerd te kijken. Ja, ook de Whippet! Ongelofelijk!Hij pakte de kluif aan en begon te kluiven. Het leek er zelfs op dat hij ervan genoot, maar dat kan toeval zijn.
Dit is 'm: Otto de whippet. Hij kluift!
Agressie in het eten?
De oplossing voor dit probleem is lang niet eenvoudig.
Op zichzelf is er niets mis met agressie. Het is een normaal gedrag binnen sociale groepen. Het is een gedrag wat ingezet kan worden om aanvallers af te schudden, status of belangrijke bronnen te verdedigen. Agressie wordt pas een probleem wanneer een hond agressief gedag vertoont in een situatie waarin dat niet zou moeten. Of wanneer een hond heel vaak agressie vertoont of een overdreven heftige agressieve reactie vertoont.
Een teef die even gromt wanneer een pup heel brutaal toch nog wil drinken terwijl moeder wegloopt communiceert op die manier dat de grens is bereikt en de pup onmiddellijk moet stoppen. Die grom is agressie. Niets mis mee. Wanneer de teef echter de pup zou bijten en verwonden dan is dat een overdreven reactie die niet normaal is. Een hond die agressie vertoont omdat hij wordt geslagen en vreest voor z'n leven is niet zo vreemd. Maar als een hond iedere confrontatie aangaat door agressie te vertonen of wanneer de prikkel voor agressie niet duidelijk is, spreken we van een probleem.
Problemen met agressief gedrag van de hond zijn voor de eigenaar moeilijk op te lossen. Veelal wordt hulp ingeroepen van een hondengedragstherapeut. Door goed te kijken naar de motivatie van de agressie, de directe oorzaak en de situaties waarin het optreed wordt dan een plan voor behandeling opgesteld. Toch blijft het een lastig probleem en het brengt ook risico's met zich mee (afhankelijk van het agressie-probleem voor de eigenaar zelf of voor de omgeving). Meer onderzoek naar de oorzaak en een mogelijke oplossing van agressief gedrag is dan ook zeer welkom.
Simona Re en collega's hebben onderzocht of er iets lichamelijk anders is bij agressieve honden. Ze hebben in het bloed van 18 Duitse herdershonden de hoeveelheid cholestrol, meervoudig onverzadigde vetzuren, en bilirubine gemeten. Uit een aantal andere onderzoeken kwam naar voren dat de hoeveelheid signaalstof in de hersenen (serotonine) die o.a. betrokken is bij agressief gedrag kan worden beïnvloed door de hoeveelheid vetzuren en cholestrol in het bloed.
De 18 agressieve Duitse
herders hebben een lagere concentratie van een
bepaald vetzuur (docosahexaenoic zuur) in hun bloed
dan niet agressieve Duitse herders. De cholesterol
en bilirubine waarde in de agressieve honden is ook
lager terwijl de verhouding tussen omega6/omega-3
vetzuren juist hoger is. Betekent dit nu dat je
agressieve honden op een dieet moeten zetten met
meer cholestrol en meer omega 3 vetzuren? En zijn
deze honden agressief geworden door dat hun dieet
niet goed was? Dit kunnen we helaas niet afleiden
uit dit onderzoek. We weten niet of het dieet de
oorzaak was van het verschil. We weten ook niet of
aanvulling op het dieet het agressief gedrag
vermindert. Uit deze resultaten kunnen we zelfs
niet afleiden of de veranderde bloed waarden nu de
oorzaak zijn van het agressievere gedrag of juist
een gevolg zijn van het agressieve gedrag.
Toch is dit onderzoek wel heel nuttig. Het is
namelijk wel een aanwijzing dat er iets lichamelijk
anders is in de agressieve honden. De informatie is
nog lang niet compleet maar lokt hopelijk wel uit
tot verder onderzoek. In een vervolg onderzoek zou
bijvoorbeeld kunnen bestudeerd of honden die meer
cholesterol en een andere vetzuurverhouding in hun
dieet krijgen minder agressie gaan vertonen.
Kennis over de invloed van dieet op agressief
gedrag zou de mogelijkheden om de probleem op te
lossen wellicht kunnen ondersteunen
Bron:
Aggressive dogs are characterized by low omega-3
polyunsaturated fatty acid status
Vet Res Commun. 2007 Sep 19
Simona Re, Marco Zanoletti & Enzo Emanuele
Voedselvoorkeur bij honden wordt beïnvloed door sociale contacten
Nu is dit fenomeen niet uniek. Ook ratten vertonen soortgelijk gedrag. door aan de bek van een andere rat te ruiken weten welk voedsel hun soortgenoot gegeten heeft en dus veilig gegeten kan worden. Dit gedrag is niet nuttig voor echte carnivoren zoals tijgers of wolven. Deze dieren eten min of meer altijd het zelfde; vlees. Maar voor omnivoren is de keuze in voedsel veel gevarieerder. Dus is een richtlijn in wat veilig is en wat niet wel zo handig. Ratten kunnen zelfs aan de hand van menselijke adem een voorkeur voor een bepaald voedsel ontwikkelen (Galef 2005). Niet zo gek natuurlijk voor een dier wat al zo lang in de nabijheid van mensen leeft en veelal het (rest) voedsel van mensen eet. Dit is tevens nog een overeenkomst tussen rattenen honden. Ook honden leven al zeer lang bij mensen en hebben al die tijd hun voedsel gewoonten aangepast aan wat er in de nabijheid van vroege nederzettingen van mensen te vinden was (Coppinger and Coppinger, 2001). Het is niet onderzocht in dit artikel maar het zou best eens kunnen dat honden ook een voorkeur voor voedsel kunnen ontwikkelen door menselijke adem te ruiken na de maaltijd.
Bron:
Behavioural Processes 74 (2007) 104–106
Dogs acquire food preferences from interacting with recently fed conspecifics
Gwen Lupfer-Johnson, Julie Ross
Wolves evolve into dogs. In: Coppinger,R., Coppinger, L. (Eds.), Dogs: A Startling New Understanding of Canine Origin, Behavior and Evolution. Scribner, New York, NY, pp. 39–67.
Coppinger, R., Coppinger, L., 2001.
Social learning. In: Whishaw, I., Kolb, B. (Eds.), The Behavior of the Laboratory Rat: A Handbook with Tests. Oxford University Press, New York, NY, USA, pp. 363–370.
Galef Jr., B.G., 2005.
Modellen van het maag-darm kanaal van de hond als alternatief voor dierproeven.
Als deelnemer aan deze discussie kwam ik in een zoektocht naar informatie op het internet op de site van de Stichting Nationaal Centrum voor Wetenschap en Technologie. Hier staat een artikel over een model van het honden maag-darm kanaal dat uitstekend gebruikt kan worden om het verteringsproces van hondenvoeding te kunnen volgen. Het model bestaat uit buizen, slangen en kleppen die de peristaltische bewegingen en de juiste temperatuur kunnen nabootsen. Het hondenmodel kreeg de naam FIDO (functional gastrointestinal dog model). Onderzoek naar goede voeding voor de hond is van groot belang.
Wie wil nu niet dat z'n
hond een goede, gezonde maaltijd krijgt. Wat dat
dan moet zijn en hoe goed bepaalde voedingsmiddelen
door de hond verteerd worden weten we vaak niet. De
hond is al heel lang als huisdier bij de mens maar
nog steeds ontbreekt diepgaand inzicht over de
juiste voeding. Uit ethisch oogpunt is het niet
altijd wenselijk om te onderzoeken wat er allemaal
gebeurt tijdens de vertering in het
maag-darmstelsel van de hond. Daarom worden er
proefdieren gebruikt wat ook weer ethische bezwaren
oplevert. FIDO van TNO bied dus de mogelijkheid om
dit te het verteringsproces te onderzoeken zonder
dat dit proefdieren kost.
Bron: KennisLink: TNO in vitro modellen van het
maag-darm kanaal als alternatief voor
dierproeven